Naaste familieleden kunnen ook betrokken worden bij de begeleiding gedurende het transitieproces. Niet enkel de transpersoon zelf gaat immers in transitie, maar het hele gezin. De partner kan ondersteuning voor de eigen emoties nodig hebben, en ook als de cliënt kinderen heeft is het sterk aan te raden deze te betrekken. Ook ouders van (jonge) transpersonen kunnen een heleboel vragen hebben wanneer hun kind gender-nonconform gedrag vertoont.

Kinderen van transpersonen

Kinderen voelen gemakkelijk aan dat een ouder worstelt met iets. Ze voelen bijvoorbeeld spanningen in het gezin of vangen een discrete telefoon op, maar gaan niet actief vragen wat er aan de hand is. Daarom is het belangrijk een kind tijdig te informeren. Het is vaak zoeken naar de juiste manier en het juiste moment om de kinderen in te lichten. Ook verwerken kinderen informatie op een andere manier, afhankelijk van de leeftijd. Wanneer kinderen ingelicht worden wat er met papa of mama aan de hand is, hoe hij of zij zich nu eigenlijk voelt – een meneer of een mevrouw of nog anders – kan dat voor heel wat vragen zorgen. Het is erg belangrijk dat deze ook beluisterd worden.

Onderzoek (Dierckx et al., 2015) toont aan dat de transitie van één van beide ouders op zich geen nefaste gevolgen heeft voor het kind. Wanneer beide ouders echter (nog) niet op één en dezelfde lijn staan rond het transgender zijn van één van de ouders, kan het kind verwikkeld geraken in loyaliteitsconflicten. Deze soort conflicten hebben mogelijk wel een nefaste invloed op de verdere ontwikkeling van het kind. Hier vind je tips rond hoe een kind informeren dat iemand in de familie transgender is.

Partners

Een partner kan op verschillende manieren en op een verschillend moment in de relatie te weten komen wat er bij de transpartner leeft, bv. in het begin van de relatie of na 10 jaar. Het nieuws kan ook op verscheidene manieren binnenkomen. Bij sommige partners slaat het in als een bom, bij andere leidt het tot een opluchting. Het is in geen enkel geval een neutrale gebeurtenis binnen een relatie. Wanneer de partner er pas na jaren iets over hoort, is de kans groter dat het inslaat als een bom. Men weet niet wat men zich dient voor te stellen bij dat gevoel. ‘Wat is het?’ ‘Hoe lang loop je er al mee?’ ‘Waarom heb je dat niet eerder verteld?’ ‘Gaat dit weer weg?’, zijn maar enkele van de vele vragen waarmee men kan zitten. Wanneer de transpersoon reeds langere tijd tekens van emotionele instabiliteit vertoonde, kan het ‘transgender zijn als verklaring’ tot een gevoel van opluchting of rust leiden. Omdat het uitgesproken is, is de transpersoon rustiger en kan de partner meer gericht emotioneel gaan ondersteunen.

De partner wordt vaak heen en weer geslingerd tussen emoties. Ongeloof, omdat men dit nooit had verwacht van zijn partner, men dacht die toch te kennen. Bedrogen: omdat men zich de vraag stelt waarom men hiervan niet eerder op de hoogte werd gebracht. Ontreddering: men heeft totaal geen controle over de zaken. Hoe zal dit evolueren, waartoe leidt het? Angst: misschien betekent dit wel het einde van de relatie? Schaamte: men is bevreesd wat de omgeving hiervan zal zeggen. Schuld: wat heb ik verkeerd gedaan zodanig dat het hiertoe heeft geleid? Verlies van zelfvertrouwen: ben ik dan niet meer vrouw genoeg? Maar ook kwaadheid: waarom overkomt ons dit?

Partners die de relatie nog een kans geven, leren leven met de idee dat ze vandaag nog samen zijn, maar niet weten wat de toekomst zal brengen. Hun relatie wordt duidelijk op de proef gesteld. Het gevoel krijgen dat rekening wordt gehouden met hun gevoelens en met hun tempo, en het voeren van een open communicatie zijn twee aspecten die een gunstige invloed hebben op de relatie. Vaak worstelen partners met de nieuwe maatschappelijke stempel. Ze worden door de buitenwereld noodgedwongen in het hokje van lesbisch of hetero geplaatst, zonder dat zij zichzelf zo definiëren.

In de begeleiding van partners is het belangrijk hun gevoelens te erkennen en hen te laten spreken vanuit hun perspectief in de transitie. Tijdens de transitie nemen partners vaak de ondersteunde en zorgende rol op waardoor hun gevoelens naar de achtergrond worden geschoven. Bied naast koppeltherapie ook individuele therapie aan voor de partner. Partners en ex-partners kunnen ook terecht bij het Partnerproject van het Transgender Infopunt voor praatavonden of één-op-één lotgenotencontact.

Ouders

Soms weten ouders niet goed hoe ze moeten reageren als hun kind gendervariant gedrag en/of –gevoelens vertoont. Ze weten niet of ze dit gedrag best gewoon laten zijn, of net moeten verbieden, en vanaf welk punt ze best een hulpverlener raadplegen. Indien het kind nog zeer jong en volop in ontwikkeling is, wordt aangeraden het gendervariant gedrag van het kind niet te negeren of te stimuleren, maar te erkennen. Thuis is een ruimte waar het kind vrij moet kunnen experimenteren. Op jonge leeftijd wordt een rolomkering op school sterk afgeraden. Laat het zoontje bv. thuis de nagels lakken maar niet op school. Uit de praktijk is gebleken dat een verbod door de ouders op bv. omkleden dit gedrag meestal wel openlijk doet verdwijnen, maar dat het verlangen meestal blijft. Ook kan de omgeving afwijzend reageren en ouders met de vinger wijzen alsof ze het genderprobleem bij hun kind stimuleren wanneer ze het kind toe te laten te zijn wie het is. Het feit dat men het eigen kind ziet lijden, doet pijn. Er komen heel wat vragen naar boven zoals: zal mijn kind ooit wel gelukkig en gezond zijn? Zal het ooit wel een partner vinden? En wat met hun kinderwens? Lees hier meer over manieren voor ouders om om te gaan met het cross-seksegedrag van hun kinderen. Ouders die graag met andere ouders willen praten of hen ontmoeten, kunnen contact opnemen met Berdache België, de groep voor ouders van transpersonen.

Melanie Verbeke & Gaia Van Cauwenberg