Hoe verloopt de psychologische begeleiding bij het genderteam?

Begeleidende gesprekken hebben meerdere doelstellingen, en dienen altijd te worden afgestemd op de specifieke vragen en noden van een individu. Er kan dus nooit een vast aantal contactmomenten voorop gesteld worden. Volgende elementen kunnen aanwezig zijn in psychologische begeleiding:

  • bieden van ondersteuning en hulp bij stigma, het vinden van een comfortabeler genderexpressie, exploratie van verschillende mogelijkheden tot genderexpressie, faciliteren van een coming-out en eventueel, een verandering in genderrol en ondersteuning vóór, tijdens en na zowel de sociale als medische transitie;
  • grondige psycho-educatie omtrent genderaffirmerende interventies en mogelijk maken van goed geïnformeerde keuzes hierover;
  • algemene assessment van genderdysforie en eventuele verwijzing naar een arts-specialist die genderaffirmerende medische interventies kan starten.

Wanneer verwijs ik het best door naar een gespecialiseerd hulpverlener?

  • Indien de hulpvraag genderaffirmerende medische interventies betreft, vindt psychologische begeleiding en assessment bij voorkeur plaats binnen een gespecialiseerde setting waarin deze interventies kunnen aangeboden worden in een multidisciplinaire samenwerking.

Hoe introduceer ik het thema in mijn psychologische begeleiding?

  • Introduceer de mogelijkheid dat niet bij iedereen de genderexpressie of ‘buitenkant’ helemaal strookt met de genderidentiteit of ‘binnenkant’.
  • Geef expliciet aan dat gesprek over genderexpressie, genderdysforie etc mogelijk is, en/of dat je bereid bent mee te zoeken naar gespecialiseerde hulp hiervoor.
  • Het is niet aan cliënten om hulpverleners op te leiden, school jezelf tijdig bij.

Is genderdysforie een symptoom van andere, onderliggende moeilijkheden?

  • Hulpverleners gaan vaak op zoek naar de betekenis en functie van een bepaald gedrag, symptoom of klacht. Ook in de context van genderdysforie dient respect voor de beleving van het individu centraal te staan.
  • Zeker bij volwassenen is het meestal niet opportuun om genderdysforie al te veel te ‘psychologiseren’. Wanneer een individu psychologische begeleiding wenst om de situatie beter te kunnen plaatsen en aanvaarden, kan exploratie van de ‘waarom?’-vraag wel aangewezen zijn. In andere situaties kan een te sterke focus op het waarom van de genderdysforie de indruk wekken niet te worden geloofd of erkend.
  • Het opstarten van psychotherapie om de genderidentiteit te veranderen bij een volwassen individu met genderdysforie wordt beschouwd als onethisch.

Moeten individuen psychotherapie volgen vóór genderaffirmerende interventies?

  • Indien ernstige psychische klachten aanwezig zijn bij een individu met genderdysforie, is het aangewezen om een behandeling hiervoor op te starten. Individuen dienen zeker niet klachtenvrij te zijn vooraleer zij doorverwezen kunnen worden naar gespecialiseerde zorg. De psychische draagkracht kan ook vergroot worden door het zich erkend weten in de genderdysforie, alsook door minder invasieve genderaffirmerende interventies (bijvoorbeeld ontharing, stemtherapie, …) alvast op te starten.
  • De verschillende genderaffirmerende interventies variëren in de draagkracht die ze vragen van een individu. Hulpverleners wordt geadviseerd om tijdig in overleg te gaan met een gespecialiseerd hulpverlener. Sommige behandelingen kunnen namelijk gepaard gaan met een wachttijd (soms van meerdere jaren).

Els Elaut